sKBL

sKBL nieuws
september 2020

ANDERMANS VEREN

Samenstelling en redactie; Lenneke Berkhout
Foto’s; Eddy Wenting

 

Kunstschilder Peter Korver raakte bijna tien jaar geleden betrokken bij het herstel van buitenplaats Schoonoord (1875) aan het Gein even buiten Amsterdam. Het werk wat hij nu tot slot van dit project heeft voltooid voor de 18e eeuwse Theekoepel op het zelfde terrein, richt zich op een veel oudere historie van deze bijzondere lokatie.

In het dorp Driemond langs de weg van Amsterdam naar Weesp, op het punt van samenkomst van drie kleine rivieren, Gaasp, Gein en Smal-Weesp, werden halverwege de 17e eeuw twee monumentale landgoederen gebouwd aan weerszijden van het water. Beide huizen, "Schoonoord" en "Driemond" werden zoals zo vaak gebeurde, midden 19e eeuw gesloopt, waarna slechts een 18e-eeuwse toegangspoort en een elegant theepaviljoen overbleven op het terrein waar later in 1875 de huidige veel kleinere villa in neostijlen werd gebouwd. Een monumentale fontein van Ignatius van Logteren uit 1714 was reeds eerder uit Driemond verdwenen en staat sindsdien voor Huis Frankendael aan de Middenweg te Amsterdam.

Gezicht over het water op de buitenplaats Driemond, gelegen op de plaats waar de riviertjes het Gein, de Gaasp en het Smal Weesp samenkomen, Daniel Stoopendaal 1719 (Rijksmuseum collectie) <p>.
Gezicht over het water op de buitenplaats Driemond, gelegen op de plaats waar de riviertjes het Gein, de Gaasp en het Smal Weesp samenkomen, Daniel Stoopendaal 1719 (Rijksmuseum collectie)

.


Ooit waren beide Driemondse buitenplaatsen omgeven door uitgestrekte formele tuinen, vijvers, fonteinen en menagerieën, zo weten we uit beschrijvingen van bezoekers, een aantal overgebleven plattegronden, ontwerpen van Vinckboons en acht gravures van Stoopendaal (1719). Het meest tot de verbeelding spreken echter de vier kamervullende schilderingen van Melchior de Hondecoeter. Zijn enorme 'Vogelpark met huis te Driemond' uit ca.1671 is te zien in de Rembrandtzaal van de Alte Pinakothek in München.

Op een plattegrond uit 1799 zien we de Theekoepel van Driemond aan de oever van het Smal Weesp staan, een passende lokatie om de destijds nog kostbare thee te genieten, een etalage om “te zien en gezien te worden”. Op afbeeldingen uit de tijd worden theekoepels regelmatig ook als speelhuys of dronkemanshuysje aangeduid, maar wat er ook geconsumeerd werd, men was duidelijk welgesteld genoeg om “en publique” de tijd aan zichzelf te hebben.
Vermoedelijk aan het begin van de 19e eeuw werd de Driemondse theekoepel een paar honderd meter verplaatst, weg van zijn oorspronkelijke plek aan de rivier om zo min of meer onderdeel van de menagerie van het oorspronkelijke huis “Schoonoord” te worden.
Aangezien theekoepels daarnaast vaak ook nog een formele verwantschap met vogelkooien vertonen, leek het passend om de dieren die in de 17e en 18 e eeuw Nederlandse menagerieën bevolkten als uitgangspunt te nemen voor een nieuwe plafondschildering in dit historische gebouwtje.

De 18de-eeuwse theekoepel van Driemond in 2019 <p> Foto; Peter Korver
De 18de-eeuwse theekoepel van Driemond in 2019

Foto; Peter Korver


Pauw.
Een bekende plafondschildering van Abraham Busschop uit 1708 in de collectie van het Dordrechts museum, toont een raaf die wordt beroofd van de gevonden en gestolen veren waarmee hij zichzelf heeft getooid, Tijdens het ontwerpproces bleef een pauw, geleend uit dit werk, steeds opnieuw opduiken in de collages en tekeningen die ontstonden. “Uiteindelijk accepteerde ik zijn aanwezigheid maar” zegt Korver “en nam ik het dier als citaat op in het nieuwe werk.” Iets wat van oudsher bekend staat als 'schilderkunstige ontleening’ of ‘toe-eigening’.

Pauw, detail van de nieuwe plafondschildering in de Driemondse theekoepel. <p> Foto; Eddy Wenting.
Pauw, detail van de nieuwe plafondschildering in de Driemondse theekoepel.

Foto; Eddy Wenting.


Interessante bijkomstigheid was dat deze geleende vogel van Busschop een verschuiving in de betekenis van het beeld teweegbracht en het zich daarmee leek te schikken in een lange traditie van fabelschilderingen; beelden van raven met gestolen veren, bestraft als vermaning tegen het pronken met rijkdom, prestaties, eigendommen of ideeën die oneerlijk zijn toegeëigend.
De populariteit van menagerieën en naturaliën-collecties in de 17e en 18e eeuw hield verband met verschillende sociale en culturele ontwikkelingen, waaronder een toenemende of zelfs modieuze publieke belangstelling voor wetenschap. Bijzonder in deze context is echter dat het op een meer fundamenteel niveau precies dit is wat er gebeurt in een menagerie; het pronken met diegenen die onder dwang werden toegeëigend, opgesloten en als kleurrijk ornament tentoongesteld.

Schepen uit wat destijds bekend stond als Oost- en West-Indië, namen vrijwel altijd wilde dieren mee als extraatje op hun maandenlange terugreis. Hoewel de overlevingskansen extreem klein waren, wachtte in Holland een vrijwel onverzadigbare markt voor al dan niet levende “Naturaliën”.
Het nieuwe plafond toont ons een selectie van zulke exotische vogels,soorten waarvan bekend is dat ze in het 17e eeuwse Holland te vinden waren, gegroepeerd in globaal drie clusters naar hun plaats van herkomst in Zuidoost-Azië en Latijns-Amerika.


Andermans Veren\" 2020 - diameter 405 cm. <p>  Een nieuw Plafondschildering voor de 18e eeuwse theekoepel van Driemond <p> Foto; Eddy Wenting<p>.
Andermans Veren" 2020 - diameter 405 cm.

Een nieuw Plafondschildering voor de 18e eeuwse theekoepel van Driemond

Foto; Eddy Wenting

.


<p>.

.


<p>.

.


<p>.

.


Een omgekeerde Fabel.
De Hollanders vergaarden hun rijkdom voornamelijk door handel, maar vaak ook door middel van het geweld en de brute wreedheden die vaker gepaard gaan met een positie van maritieme en militaire dominantie. De Raaf in de fabels van Aesopus en la Fontaine - hoofdpersoon van tal van Nederlandse vogelschilderijen en plafonds – kreeg uiteindelijk een pak slaag voor zijn oneerlijke gedrag jegens de andere vogels, en bracht zo zijn deugdzame en vermanende boodschap aan ons over. In werkelijkheid echter bleef het Hollands vertoon van opgebouwde rijkdom grotendeels onbesproken.

Theekoepel Driemond; doorsnede met interieur.
Theekoepel Driemond; doorsnede met interieur.

Raven
Raven kregen van Korver een plek in dit theehuis, op een set nieuwe 'dessus de porte' schilderijen boven de ramen en de deur. In deze setting tonen de vogels hun verworven veren ongestoord. Poserend vol zelfvertrouwen tekenen zij zich af tegen een lege lucht boven een lage horizon.
Hondecoeter schilderde Huis te Driemond en zijn exotisch gevogelte tegen de achtergrond van een geïdealiseerd Italiaans landschap. Deze raven echter tonen zich in een Hollandse polder met historische details op de achtergrond, als decorstukken in een theater. We zien de 18e eeuwse poort van Huis Schoonoord, het theepaviljoen zelf en de gevel van Huis Driemond zoals we die kennen uit de gravures van Stoopendaal en het schilderij van Hondecoeter. Een van de schilderijen toont een windmolen ver weg aan de horizon, schijnbaar een ironisch detail, een sleets icoon van Holland marketing. Het is de "Broekzijder" molen die in 1641 even verderop langs het Gein werd gebouwd en daar is blijven staan tot op de dag van vandaag, tot voor kort deze drassige gronden droogmalend, waardoor ook Huis te Driemond hier uberhaupt gebouwd kon worden en deze raven droge voeten hielden. Een technische voorziening als klein detail in de verte, wat het theater op de voorgrond mogelijk maakt.

\"Andermans Veren\" 2020 - Raaf II<p>een van de nieuwe bovendeurstukken. <p>.
"Andermans Veren" 2020 - Raaf II

een van de nieuwe bovendeurstukken.

.


\"Andermans Veren\" 2020 - Raaf III<p>Tempera en acrylverf op aluminium paneel. <p>.
"Andermans Veren" 2020 - Raaf III

Tempera en acrylverf op aluminium paneel.

.


\"Andermans Veren\" 2020 - Raaf IV <p> van de nieuwe bovendeurstukken. <p>.
"Andermans Veren" 2020 - Raaf IV

van de nieuwe bovendeurstukken.

.


Tot slot; Raaf is “Corvus” in Latijn, een woord wat dermate verwant lijkt aan de schilders famillenaam dat het nog een persoonlijk aspect aan het werk toevoegt. Want geldt immers voor Korver niet iets soortgelijks, wanneer hij dit werk “tooit” met de rijke historie van de lokatie en vervolgens zichzelf, met een schijnbaar passend moreel oordeel over een geschiedenis waar hij zelf nooit onder heeft geleden.

Waar we ons volgens Korver in ieder geval wel toe kunnen verhouden is het verhaal van het individuele dier dat ooit op een dag ergens in Batavia, Ceylon of Suriname werd gevangen, toegeëigend, een soms jarenlange zeereis overleefde en uiteindelijk zijn latere dagen zou slijten als ornament in een menagerie van een rijke buitenplaats ergens in de veengebieden buiten het 17e eeuwse Amsterdam.

“Onlangs sprak ik een jonge Nigeriaanse die in Rotterdam internationale betrekkingen studeert en in Amsterdam woont en werkt als au-pair,” vertelt Korver. “Bij het zien van dit werk zuchtte ze en vatte het bondig samen; “In the end it’s just like slavery isn’t it ?”. . . “Just the same as any other form of appropriation, back then just as well as today. Turning the body of “the Other” into an object with just one simple sentence; “I like that body... I’ll have it.”

\"Andermans Veren\" 2020 - Raaf I<p> Detail .<p> Foto; Eddy Wenting <p>.
"Andermans Veren" 2020 - Raaf I

Detail .

Foto; Eddy Wenting

.